Deel dit artikel

In april van dit jaar werd Victor Campenaerts de nieuwe houder van het werelduurrecord op de wielerpiste, tot dan in handen van Bradley Wiggins. Campenaerts’ persoonlijke inzet mag daarbij niet onderschat worden, maar zijn topprestatie heeft ook heel wat te danken aan de wetten van de fysica, meer bepaald die van de aerodynamica. Hoewel het belang hiervan voor het fietsen al lang bekend is, zien we vooral de laatste decennia aerodynamische innovaties en attributen opduiken in het wielrennen.

Het werelduurrecord wielrennen als proeftuin voor aerodynamische innovaties

Bert Blocken

Het menselijk lichaam is geen bijzonder efficiënte motor voor fysieke arbeid. Slechts 20 tot 30 % van de energie aanwezig in ons voedsel wordt beschikbaar voor spieractiviteit. Met die energie moet een wielrenner zijn of haar totale weerstand overwinnen. Die weerstand bestaat uit de luchtweerstand, de rolweerstand tussen banden en weg en de weerstand in de mechanische onderdelen van de fiets. Bij niet-vlakke wegen komt daarbij nog de weerstand om hoogte te overwinnen, en bij versnellingen de weerstand om een hogere snelheid te bereiken. Boven een snelheid van 50 km/h, op vlakke weg en in windstil weer, bestaat de totale weerstand van een renner op een tijdritfiets voor meer dan 90 % uit luchtweerstand. Het is dan ook niet verwonderlijk dat succesvolle werelduurrecordpogingen vaak gepaard gingen met de introductie van nieuwe aerodynamische inzichten of attributen.

Voor het grote publiek werd het belang van aerodynamica in het wielrennen spectaculair zichtbaar op het einde van de Ronde van Frankrijk in 1989. In dat jaar werd de Ronde gewonnen door Greg LeMond met een luttele 8 seconden voorsprong op Laurent Fignon. De beslissing viel in de afsluitende tijdrit van 24,5 km van Versailles naar de Champs-Elysées. Voor de start van deze rit had Fignon nog een bonus van 50 seconden, maar hij verspeelde die helemaal in de tijdrit. LeMond had dit te danken aan zijn aerodynamische helm en tijdritstuur, én aan de aerodynamische onzorgvuldigheid van Fignon. Fignon reed met een gewoon stuur, zonder helm en met een in de wind wapperende paardenstaart.

Nochtans was men zich reeds op het einde van de 19de eeuw bewust van het belang van aerodynamica bij het fietsen. Op zich is dat niet verwonderlijk, gezien de grote invloed van de luchtweerstand en het feit dat men deze al ten volle kon ervaren op de eerste fietsontwerpen. Zo ontwierp Challand al in 1895 de eerste ligfiets, om zo grotere snelheden te halen. En met een ligfiets ontworpen door Mochet won Faure vanaf 1932 verschillende races tegen wielrenners op een reguliere fiets. Faure verbrak ook het werelduurrecord in 1933 met een ligfiets, met 45,055 km (Figuur 1). Maar het jaar nadien al werd dit record door de Internationale Wielerunie (UCI) verbannen naar een aparte categorie, wegens het te grote aerodynamische voordeel.

Het vervolg van dit artikel lees je in de papieren versie van Karakter 67. De volledige tekst verschijnt later online.
Deel dit artikel
Gerelateerde artikelen