TIJDSCHRIFT VAN WETENSCHAP

ESSAY

Patricia de Martelaere (1957-2009) behoort tot de meest bewonderde auteurs uit ons taalgebied. Als filosoof, romancier en essayist schreef ze met een uitzonderlijke stilistische helderheid over de grote kwesties van het leven en verwierf ze een unieke plaats in de Nederlandstalige filosofie. Hoogleraar Tim Heysse, jarenlang haar collega, blikt terug op haar essays en de virtuositeit waarmee ze filosofie wist te bedrijven.

Filosofie: een kleinigheid. De filosofische essays van Patricia de Martelaere

Ik heb een herinnering aan een interview met Herman de Coninck, dichter, journalist, essayist en hoofdredacteur van het spraakmakende literaire en culturele tijdschrift het Nieuw Wereld Tijdschrift, dat verscheen van 1984 tot 2000. Op de vraag waarom er in de eerste jaargang van zijn tijdschrift geen filosofie staat, geeft de Coninck ongeveer dit antwoord: dat komt door de filosofen zelf; ze schrijven zo knarsend. Gelukkig heeft hij nu een filosoof ontdekt waarvoor dat niet opgaat. Hij kan voor heel binnenkort een filosofisch essay aankondigen. In het eerste nummer van 1988 verscheen het essay De levenskunstenaar van Patricia de Martelaere. Of mijn herinnering klopt, is niet zeker. Ondanks hulp van de biograaf van de Coninck, Thomas Eyskens, heb ik dat interview niet kunnen vinden. Maar de Coninck vond wel degelijk dat filosofen, met uitzondering van Patricia dan, vaak knarsend schrijven. Hij schreef (of herhaalde) dat in de inleiding bij De wereld is een woord dat Patricia in 1993 in het NWT publiceerde.

Natuurlijk zijn we als filosofen geneigd de opmerking van de Coninck over knarsend schrijven van repliek te dienen (korpsgeest oblige!). Maar dat betekent niet dat we het oneens moeten zijn met zijn waardering voor Patricia’s essays. Neem bijvoorbeeld deze variatie op de bekende vraag van Wittgenstein over vooruitgang in de filosofie: wanneer iemand krabt waar het jeukt, is dat dan een vooruitgang? In Een verlangen naar ontroostbaarheid schrijft Patricia:

‘Filosofisch krabben is krabben dat jeuk teweegbrengt. Het begint op een onooglijk plekje, achter het oor of op de voetzool, maar het breidt zich onder het krabben uit totdat het hele hoofd, de benen en het hele lichaam zijn ingenomen − tot de handen toe die zoeken te krabben waar het jeukt. Daar is niets mee gewonnen.’

Het is beter niet te krabben maar wie nooit heeft gekrabd, op een zwoele zomernacht, nat van het zweet, uitgeput en slapeloos, met het scherp van de nagels en tot bloedens toe, hopeloos en zonder verlichting – wie nooit heeft ondervonden hoe het genot uiteindelijk toch een gestalte kan worden van de kwelling – die heeft misschien toch wel een kleinigheid gemist.

Dit fragment illustreert de retorische kracht van Patricia’s essays, de virtuositeit van haar woorden en de treffende helderheid van haar beelden. Het illustreert ook Patricia’s ironische houding tegenover de filosofie: wie nooit filosofisch heeft gekrabd, heeft iets gemist. Al gaat het slechts om een kleinigheid. In haar laatste boek, Taoïsme, stelt Patricia zich voor als ‘filosoof van opleiding en beroep’; wat toch een beetje klinkt als: daarmee verdien ik een salaris, maar dat is niet wat ik doe. Tegelijk diende Patricia’s virtuositeit van taal en beeld de filosofische didactiek. Daarmee doel ik niet op haar charisma als docent wijsbegeerte. Dat is onloochenbaar: zelfs zonder technologietjes en didactische trucjes, alleen met bord, krijt en stem, waren haar colleges bijzonder populair bij studenten. Wanneer ik spreek over de virtuositeit van Patricia’s filosofische didactiek, denk ik in de eerste plaats aan haar essays. En dan verwijst het woord ‘didactiek’ naar een van de traditionele hoofdvormen van de literatuur: naast epiek (verhalend proza), lyriek (poëzie), dramatiek (theater), is didactiek de verzamelnaam voor alle literatuur waarin informatie of inzichten worden gebracht in een literair aantrekkelijke vorm.

Het vervolg van dit artikel leest u in de papieren versie van Karakter. De volledige tekst verschijnt later online.

Dit artikel verscheen in Karakter nr. 95 · Creative Commons BY-NC-ND