Geschiedenis vraagt om nuancering. Toch worden in China en het Westen uiteenlopende geschiedenissen herleid tot geruststellende verhalen van continuïteit, bedoeld om houvast te bieden in tijden van grote omwentelingen. Wat zien we wanneer we deze vertrouwde narratieven in vraag durven stellen?
Geschiedenis(sen) zonder grenzen
In How the World Made the West: A 4000 Year History presenteert Josephine Quinn, sinds 2025 professor oude geschiedenis aan de Universiteit van Cambridge, een kritische herlezing van de geschiedenis van het Westen. In plaats van het dominante idee van een ‘westerse beschaving’ met wortels in de klassieke oudheid te bevestigen, stelt ze deze gedachte fundamenteel ter discussie. Quinn toont overtuigend aan dat het niet culturele continuïteit was, maar juist wereldwijde uitwisseling, interactie en onderbreking die de sociale en politieke ontwikkelingen in de Mediterrane wereld vormgaven. Hoewel haar inzichten inmiddels breed worden gedragen binnen de academische wereld, biedt haar boek een vuistdik tegenwicht tegen de bij ons gangbare geschiedschrijving, die het idee van ‘het Westen’ als coherente historische entiteit nog steeds kritiekloos reproduceert.
Quinn opent haar betoog met een historiografische analyse van het begrip ‘westerse beschaving’. Ze laat zien hoe dit concept in de negentiende eeuw werd geconstrueerd, onder meer door Europese archeologen die de vermeende oorsprong van een superieure beschaving blootlegden. Historici verankerden dit idee vervolgens in een beschavingsgeschiedenis die de klassieke oudheid rechtstreeks verbond met het moderne Europa. Door deze veronderstelde continuïteit te bevragen en te stellen dat de Griekse en Romeinse culturen niet de ‘onze’ waren, sluit Quinn aan bij eerdere kritieken op werken die beschavingen voorstellen als homogene, afzonderlijke entiteiten. Een bekend voorbeeld hiervan is Samuel Huntingtons The Clash of Civilizations.
Voor een breed publiek maakt Quinn duidelijk dat de geschiedenis van de zogenoemde ‘westerse beschaving’ vooral een negentiende-eeuwse constructie is. Ze stelt prikkelende vragen: wat verbindt de antieke oudheid met de wereld van vandaag? Wat te doen met de talloze culturen uit het verleden die buiten het dominante beschavingsdenken vallen? En hoe gaan we om met culturen die een grote invloed hadden op onze huidige West-Europese context, maar waarvan we toevallig geen rechtstreekse link menen te ontwaren, zoals bijvoorbeeld de vele culturen die het Arabisch schrift gebruikten? Juist deze vragen maken Quinns werk zo relevant. Haar boek sluit daarmee ook aan bij actuele debatten binnen global history: moet men streven naar één overkoepelend mondiaal verhaal, of naar meerdere, soms conflicterende, geschiedenissen die bestaande grenzen en categorieën doorbreken?
Het vervolg van dit artikel leest u in de papieren versie van Karakter. De volledige tekst verschijnt later online.

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-NoDerivs 3.0 Unported License