Energietransitiemodellen berekenen steeds gedetailleerder hoe een klimaatneutrale wereld eruitziet, en wetten die het verbruik moeten inperken volgen elkaar in snel tempo op. De razendsnelle kostendaling van zonnepanelen, thuisbatterijen en elektrische auto’s maakt verduurzaming almaar betaalbaarder. Als de transitie technisch en economisch steeds haalbaarder wordt, waarom blijft ze dan politiek zo weerbarstig?
Hoe ontwerp je een energietransitie die standhoudt?
‘Europa zal zo, rond 2040, de eerste regio worden waarin iedereen verwarmt, rijdt en kookt op 100 procent CO₂-vrije elektriciteit.’ Al vroeg in Groene supermacht presenteert Diederik Samsom de toekomst niet als een ambitie maar als zekerheid. Dat is geen onbedachtzame uitspraak. Samsom was kabinetschef van Eurocommissaris Frans Timmermans en daarmee een van de architecten van het Europese klimaatbeleid. Zijn boek is dus een insidersverslag en het vertelt een overtuigd verhaal: technologie wordt snel goedkoper, beleid leert van fouten, en Europa loopt voorop. De richting staat vast, de vraag is hooguit nog hoe snel.
Maar wie verder leest, treft een veel weerbarstiger werkelijkheid aan – en Samsom is daar eerlijker over dan zijn openingszinnen doen vermoeden. Neem het Europese emissiehandelssysteem, een marktmechanisme waarbij bedrijven rechten moeten kopen om CO₂ uit te stoten, zodat de totale uitstoot gegarandeerd daalt. ‘In theorie waterdicht,’ schrijft Samsom zelf. Maar bij invoering in 2005 werkte het niet, mede door te veel politieke tegemoetkomingen aan de sectoren. Pas na jarenlange reparaties tegen speculaties, prijsschommelingen en economische crises ging het functioneren. Of neem het zogenaamde Fit for 55 Package in 2022, het grote klimaatpakket van dertien wetsvoorstellen die samen de Europese uitstoot met 55 procent moeten verlagen tegen 2030. Samsom beschrijft hoe het pakket vooral de logica van de politieke haalbaarheid volgde, door de burger te proberen ontlasten en de voornaamste lasten te focussen op de industrie.
Het scherpst is Samsom over de periode na 2022. Hij beschrijft hoe de oorlog in Oekraïne en de bijbehorende energiecrisis het klimaatbeleid eerst versterkten, maar tegelijk de onrust en onvrede in de Europese samenleving aanwakkerden. Met die onvrede zakte de klimaaturgentie gestaag op de maatschappelijke prioriteitenlijst. Als architect van de Green Deal onderschatte hij hoe snel maatschappelijk onbehagen zijn eigen bouwwerk kon ondermijnen.
Het vervolg van dit artikel leest u in de papieren versie van Karakter. De volledige tekst verschijnt later online.

This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-NoDerivs 3.0 Unported License