Deel dit artikel

in de achttiende eeuw begonnen artsen de menopauze te zien als een ziekelijk syndroom. de ontdekking van hormonen en de groeiende invloed van de farma-industrie versterkten deze medicalisering alleen maar. ook depressie en psychose werden steeds vaker met de menopauze geassocieerd, alsof vrouwen door hun fysieke ‘verval’ een rouwproces doormaken. volgens susan p. mattern is de menopauze echter juist een belangrijke levensfase, zelfs cruciaal voor het overleven van de menselijke soort, en zijn de klassieke fysieke symptomen van menopauze niet zo universeel als vaak wordt gedacht. voor uitleg en behandeling zouden we ons dan ook niet alleen moeten wenden tot medici.

De menopauze is geen ziekte

Rina Knoeff

Afgelopen augustus sprak Michelle Obama in een spraakmakende podcast over de menopauze; over de ingrijpende verandering ‘die de helft van de bevolking doormaakt, maar waarover nooit wordt gesproken’. Obama is open over haar eigen ervaringen en ze dringt aan op eenzelfde openheid in het publieke domein. Misschien nog belangrijker is dat Obama oproept om af te rekenen met het idee dat vrouwen op leeftijd ‘minder aantrekkelijk’ en ‘minder waard’ zouden zijn (terwijl bij mannen juist het tegenovergestelde lijkt te gebeuren). Het zou niet moeten gaan over de vraag hoe goed een vrouw eruitziet – schoonheid verandert naarmate een mens ouder wordt – maar veel meer over wat een vrouw kan doen en betekenen op latere leeftijd. De menopauze, zo stelt Obama, is niet het einde van het leven, maar het begin van nieuwe en oneindige mogelijkheden.

Obama’s pleidooi sluit naadloos aan bij Susan P. Matterns The Slow Moon Climbs. The Science, History, and Meaning of Menopause. Mattern keert zich tegen de medicalisering van de menopauze, ingezet in de 18de eeuw, toen artsen de menopauze begonnen te zien als een ziekelijk syndroom met bijbehorende symptomen. Na 1700 werd het een vast onderdeel van gynaecologische tekstboeken en besproken als een ‘plethora’ (een gevaarlijke opeenhoping van bloed) of een vorm van hysterie veroorzaakt door irritaties van het zenuwstelsel. Na de ontdekking van hormonen, en onder invloed van de farmaceutische industrie, werd de menopauze nog verder gemedicaliseerd. Oestrogeen werd gelijkgesteld aan de essentie van het vrouw-zijn, en de menopauze – ofwel de afname van oestrogeen in het lichaam – als het ultieme verlies van vrouwelijkheid. Met andere woorden: de menopauze werd geframed als een gebrek en geïdentificeerd als het verval van jeugd, schoonheid en seksualiteit, een ziekelijke situatie die zo snel mogelijk verholpen diende te worden, bij voorkeur met hormoontherapie toegediend ‘van de puberteit tot het graf’.

Een tweede, even invloedrijk model legde vanaf de 19de eeuw een sterk fysiek verband tussen de menopauze en de psychiatrische symptomen van depressie en psychose. Het idee dat vrouwen een proces van rouw doormaken vanwege het verlies van vrouwelijkheid was een populair idee in de tweede helft van de 20ste eeuw en is nog steeds volop aanwezig. Zo is gender nog steeds een belangrijk deel van ons begrip van depressie: het is algemeen geaccepteerd dat meer vrouwen dan mannen eraan lijden en ook dat dit samenhangt met hormonale veranderingen.

Het vervolg van dit artikel lees je in de papieren versie van Karakter 73. De volledige tekst verschijnt later online.

Deel dit artikel
Gerelateerde artikelen